Wat is MBO?

Voor ouder(s)/verzorger(s)

Als middelbaar beroepsonderwijs (mbo) leiden we jongeren op om een bepaald beroep uit te oefenen. Jongeren met een vmbo-diploma of een overgangsbewijs naar klas 4 havo of vwo kunnen naar het mbo. Naar welk niveau uw zoon/dochter kan doorstromen in het mbo, hangt af van de leerweg die hij/zij gevolgd heeft op het vmbo. 
 

Opleidingsniveaus  
Binnen het mbo onderscheiden we vier opleidingsniveaus: 

Entreeopleiding 
De entreeopleiding is bedoeld voor jongeren zonder een diploma van een vooropleiding.  
Deze entreeopleiding bereidt jongeren voor op de arbeidsmarkt (bijvoorbeeld als horeca-assistent of zorghulp) of op doorstroming naar een mbo-2-opleiding. De opleiding duurt 1 jaar. 

Basisberoepsopleiding (niveau 2) 
De basisberoepsopleiding duurt 1 tot 2 jaar. Niveau 2 bereidt studenten voor om uitvoerende werkzaamheden te doen. Bijvoorbeeld receptionist of beveiliger.  

Vakopleiding (niveau 3) 
De vakopleiding duurt 2 tot 3 jaar. Studenten leren hier werkzaamheden zelfstandig uit te voeren. Het gaat om beroepen als kok of secretaresse.  

Middenkaderopleiding of specialistenopleiding (niveau 4) 
De middenkaderopleiding of specialistenopleiding duurt 3 jaar. Voor sommige opleidingen geldt een maximum van 4 jaar. Studenten leren hier werkzaamheden volledig zelfstandig uit te voeren. Het gaat om beroepen als filiaalbeheerder en of ICT-beheerder. Studenten die deze opleiding afronden, kunnen ook verder studeren aan het hbo. 

Leerwegen 
Op ieder niveau kan uw zoon/dochter kiezen uit twee leerwegen:  

School en stage 
Uw zoon/dochter gaat (bijna) elke dag naar school en loopt tijdens de opleiding stage bij een bedrijf of instelling. Dit noemen we in het mbo de Beroepsopleidende leerweg (BOL). 

Werken en leren  
Uw zoon/dochter is een groot deel van de week aan het werk en gaat één of twee dagen per week naar school. Dit noemen we in het mbo de Beroepsbegeleidende leerweg (BBL).
 

Opbouw studie 
Onze mbo-­opleidingen bestaan uit drie delen. Een basis­, profiel­ en keuzedeel.  

Basisdeel 
In het basisdeel van de studie leren studenten de basiskennis die voor de betreffende beroepsgroep nodig is en algemene kennis zoals Nederlands en rekenen. Iedereen die bijvoorbeeld voor Haarverzorging kiest moet weten hoe hij/zij het haar van een klant moet knippen en föhnen. 

Profieldeel 
In het profieldeel van de studie gaan studenten dieper in op de kennis die voor het gekozen beroep nodig is. Een salonmanager van een kapsalon heeft bijvoorbeeld meer kennis nodig van ondernemen dan een Junior kapper. 

Keuzedelen 
Via het keuzedeel kunnen studenten hun kennis verdiepen of verbreden. Als kapper kun je bijvoorbeeld ook iets leren over nagelstyling. Ook kunnen studenten zich binnen het keuzedeel voorbereiden op het hbo. Studenten krijgen daarmee een plus op hun diploma. 

Werken 
Wil uw zoon/dochter na de opleiding direct aan het werk? Dan kan hij/zij zich via keuzedelen onderscheiden van medestudenten. Keuzedelen die met een voldoende zijn afgerond, komen op het diploma te staan. Met dit diploma kan uw kind de toekomstige werkgever laten zien wat hij/zij allemaal in huis heeft.  

Verder leren 
Als uw zoon of dochter na de opleiding een volgende mbo-opleiding wil volgen of wil starten met een hbo-opleiding, is het slim om tijdens de opleiding te kiezen voor keuzedelen die daarop voorbereiden. Dit kan in een vervolgopleiding zorgen voor vrijstellingen of een makkelijkere start. 

Leren in de praktijk 
Kennismaken met de praktijk is tijdens een opleiding bij ROC Friese Poort belangrijk. Een vak leer je namelijk ook in de praktijk.  

Stage is een verplicht onderdeel van iedere opleiding in het mbo. Wij noemen dit BPV (beroepspraktijkvorming). Per opleiding is het verschillend hoeveel maanden of jaren, uw kind al naar school is geweest. Bij sommige opleidingen volgen studenten vanaf het begin elke week een aantal dagen stage of elk jaar een aantal weken. Bij andere opleidingen volgen studenten één langere stage in een later stadium van hun opleiding. 

Tijdens de stage leert uw kind het werkveld kennen en wordt de opgedane kennis in praktijk gebracht. Daarnaast ziet uw kind of de werkzaamheden bij hem/haar passen.